• nl
Taalkeuze

Advies NAR nr. 1853 : wijzigingen inzake jaarlijkse vakantie op til?

Categorie: Sociaal   Datum: 14/06/2013

De Nationale Arbeidsraad (NAR) heeft zich op de zitting van 28 mei 2013 in advies nr. 1853 uitgesproken over verschillende dossiers inzake jaarlijkse vakantie. 

We willen hierbij voorafgaand benadrukken dat onderstaande vooralsnog louter een advies betreft en deze regeling bijgevolg nog niet definitief is. 

1. Europese aanvullende vakantie: ook voor deeltijdse werknemers die hun arbeidsduur verhogen

Vooreerst spreekt de Raad zich uit over een ontwerp van koninklijk besluit, hem ter advies voorgelegd door de minister van Werk, waarin vanaf 1 januari 2013, Europese aanvullende vakantie zou worden toegekend aan deeltijdse werknemers die hun arbeidstijd verhogen. 

De Raad spreekt zich positief uit over de doelstelling van het koninklijk besluit, maar vraagt dat het ontwerp als volgt wordt aangepast : 

  • Het recht op aanvullende vakantie wordt uitgebreid tot werknemers die bij het nemen van vakantie zijn tewerkgesteld als voltijdse werknemer maar die geen 4 weken vakantie kunnen genieten ingevolge hun tewerkstelling als deeltijdse werknemer in het vorige jaar.
  • Dit recht wordt eveneens uitgebreid tot deeltijdse werknemers die hun arbeidsregime verhogen met ten minste 20 % van een voltijdse arbeidsregeling ten aanzien van hun gemiddeld arbeidsregime in het vorige jaar zodat, wanneer zij 4 vakantiedagen tekortkomen, zij toch nog recht hebben op 4 weken vakantie.
  • Naar analogie van de regeling jaarlijkse vakantie van de arbeiders wordt een bepaling ingevoerd voor de bedienden volgens welke de berekening van de duur van de wettelijke vakantie niet mag leiden tot meer dan 4 weken vakantie. 

De Raad dringt erop aan dat dit koninklijk besluit zoals voorzien op 1 januari 2013 in werking treedt.

2. Decemberafrekening: geen vervroegd vakantiegeld meer uit te betalen

Vervolgens spreekt de Raad zich, in uitvoering van de gemeenschappelijke verklaring bij advies nr. 1797 van 4 april 2012, uit over een voorstel tot vereenvoudiging van de decemberafrekening. 

Ingevolge die regeling moet een werkgever het vakantiegeld van een bediende, die zijn gemiddeld aantal te presteren uren per week vermindert, uitbetalen zoals het vertrekvakantiegeld in de maand december van het jaar waarbinnen die vermindering van uren heeft plaatsgevonden. 

Die regeling geeft in de praktijk aanleiding tot heel wat toepassingsproblemen voor werkgevers en heeft ook nadelen voor bedienden die hun vakantiegeld in december krijgen in plaats van op het ogenblik waarop zij hun vakantie nemen.

De Raad vraagt daarom dat – zonder enige voorafname op de discussies in het dossier arbeiders-bedienden – de voorafbetaling van het vakantiegeld voor het volgend vakantiejaar wordt afgeschaft. De vakantierechten worden dan berekend en betaald op basis van het arbeidsregime waarin de bediende is tewerkgesteld wanneer hij zijn vakantie opneemt (vakantiejaar), met afrekening op het eind van het vakantiejaar van de nog niet genoten vakantierechten op basis van het loon en de prestaties van het vorig jaar (vakantiedienstjaar).

Deze regeling zou enkel gelden voor bedienden die in dienst blijven van hetzelfde bedrijf. De bestaande berekenings- en fiscale regels blijven van toepassing. 

Als datum van inwerkingtreding stelt de Raad 1 januari 2014 voorop. 

3. Diverse

In hetzelfde advies spreekt de Raad zich, op vraag van de minister van Werk, tevens positief uit over een aanvullende vakantie na een ouderschapsverlof, de gelijkstelling van borstvoedingspauzes voor de jaarlijkse vakantie, de uitbreiding van de lijst van gevallen waarin een werknemer halve dagen betaalde vakantie mag nemen en de toevoeging van de nieuwe regeling van de aanvullende vakantie in het begrippenkader voor het netwerk van de sociale zekerheid. 

4. Ziekte tijdens een periode jaarlijkse vakantie

Tot slot heeft de Raad zich op vraag van de minister voorgenomen om op korte termijn te bekijken in welke mate de Belgische regelgeving inzake jaarlijkse vakantie moet worden aangepast in het licht van het arrest van het Europese Hof dat stelt dat een werknemer die ziek wordt tijdens zijn vakantie, zijn vakantie moet kunnen overdragen naar een andere periode wanneer hij hersteld is. 

Wij houden u op de hoogte van de verdere ontwikkelingen hieromtrent via onze nieuwsflashes. 

 Bron: 

  • Persbericht Nationale Arbeidsraad van 28 mei 2013 – www.cnt-nar.be 
  • Advies nr. 1.853 van 28 mei 2013 – Jaarlijkse vakantie – www.cnt-nar.be