• nl
Taalkeuze

Geen carensdag meer vanaf 1 januari 2014

Categorie: Eenheidsstatuut   Datum: 25/10/2013

Algemeen

De carensdag is de eerste werkdag (voor arbeiders en sommige bedienden) van een periode van arbeidsongeschiktheid van minder dan 14 kalenderdagen die niet wordt betaald, noch door de werkgever, noch door het ziekenfonds. De periode van gewaarborgd loon vangt aan na de carensdag.

Deze carensdag wordt afgeschaft voor alle werknemers (dus zowel arbeiders als bedienden) vanaf 1 januari 2014.

Ingevolge deze afschaffing zal de periode van het gewaarborgd loon voor alle werknemers een aanvang nemen op de eerste kalenderdag van de arbeidsongeschiktheid van de werknemer. Dit is vergelijkbaar met hetgeen al toegepast werd voor de bedienden met een arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur buiten de proefperiode.

Bijkomende controlemaatregelen arbeidsongeschiktheid

Uitbreiding sancties ingeval van onrechtmatige afwezigheid

De wetgeving voorzag reeds dat een werkgever kon weigeren (behoudens overmacht) om het gewaarborgd loon uit te betalen indien de werknemer het geneeskundig getuigschrift niet of te laat had ingediend en dit voor de dagen vóór de overhandiging of verzending van het getuigschrift. 

Deze sanctiemogelijkheid wordt nu uitgebreid naar 3 situaties:

  1. De werknemer brengt zijn werkgever niet onmiddellijk op de hoogte van zijn arbeidsongeschiktheid; 
  2. De werknemer legt het geneeskundig getuigschrift niet binnen de voorgeschreven termijn voor aan de werkgever;
  3. De werknemer onttrekt zich aan de controle door een controlearts.

In deze situaties kan de werkgever weigeren het gewaarborgd loon te betalen voor de dagen die de verwittiging (1), de voorlegging van het getuigschrift (2) of de controle (3) voorafgaan. Vanaf het ogenblik dat de werknemer overgaat tot de verwittiging, de voorlegging of de controle, heeft hij evenwel recht op de betaling van het gewaarborgd loon. 

Voorgaande sancties kunnen niet toegepast worden in geval van overmacht of indien de werknemer zich omwille van een geldige reden niet kon onderwerpen aan de controle door een controlearts. 

Uitbreiding verplichting bij controle door een controlearts

Een CAO (of een bepaling in het arbeidsreglement) kan voorzien dat de werknemer zich gedurende (een dagdeel van) maximum 4 opeenvolgende uren (tussen 7 uur en 20 uur) in zijn woonplaats (of aan de werkgever meegedeelde verblijfplaats) ter beschikking moet houden van een controlearts. 

Indien de werknemer zonder geldige reden afwezig is op het ogenblik van de controle van de controlearts, kan de werkgever weigeren het gewaarborgd loon te betalen. 

Bron: