• nl
Taalkeuze

Mogelijke aanpassing van het bedrag van de maaltijdcheques en de resultaatsgebonden voordelen?

Categorie: Sociaal   Datum: 13/03/2015

Zoals besproken in onze Nieuwsflash van 2 februari 2015 en 9 maart 2015 keurde de ministerraad van 27 februari 2015 een ontwerp koninklijk besluit goed dat voorziet in een beperkte loonkostenontwikkeling voor 2015 en 2016:

  • Voor het jaar 2015 bedraagt de loonnorm 0%;
  • Voor het jaar 2016 krijgen de sociale partners de mogelijkheid om binnen bepaalde grenzen een koopkrachtverhoging te onderhandelen. Het gaat om maxima, wat betekent dat sectoren en/of ondernemingen kunnen beslissen om minder of niets te voorzien:
    • een enveloppe op jaarbasis van maximum 0,5% van de loonmassa (invulling aan te rekenen in loonkost, d.i. de totale kost voor de werkgever, alle lasten inbegrepen), met aanbeveling om dit te besteden aan toekomstgerichte maatregelen (vergrijzing, langer werken, mobiliteit, tweede pijler, vorming, ...) en/of financiële elementen die voordelig zijn voor de werkgevers en werknemers;
    • een enveloppe op jaarbasis van maximum 0,3% van de loonmassa in netto.

Om de invulling van de laatste enveloppe naar netto koopkracht voor de werknemers gemakkelijk te maken, voorziet het ontwerp in de volgende mogelijkheden:

  • de maximale waarde van de maaltijdcheque wordt verhoogd met 1 EUR: van 7 naar 8 EUR. De werkgever kan deze verhoging fiscaal inbrengen als aftrekbare kost;
  • het maximumbedrag voor de niet-recurrente resultaatsgebonden voordelen (CAO nr. 90) wordt verhoogd met 69 EUR. Aldus wordt het nieuwe plafond vastgesteld op 3.200 EUR.

In de ministerraad van 6 maart 2015 werden er twee ontwerpen van koninklijk besluit goedgekeurd die uitvoering geven aan de twee bovenstaande voorstellen inzake netto koopkracht: 

  1. Het eerste ontwerp voorziet in een verhoging met 1 EUR van de reglementair voorziene maximale waarde van maaltijdcheques. Het bedrag van de werkgeverstussenkomst gaat zo van 5,91 naar 6,91 EUR per maaltijdcheque;
  2. Het tweede ontwerp voorziet in een verhoging van het niet-geïndexeerde drempelbedrag van de niet-recurrente resultaatsgebonden voordelen van 3.100 EUR (bedrag 2015) naar 3.169 EUR.

Deze ontwerpen van KB zijn thans voor advies overgemaakt aan de Raad van State. 

Van zodra deze info definitief is, zullen wij u verder berichten. Sowieso zal dit pas toegepast kunnen worden in 2016 in zoverre dit voorzien wordt in de sector of in de onderneming (= loonnorm 2016).

Bron:  

  • Ministerraad 6 maart 2015 - http://www.presscenter.be;
  • Ontwerp van koninklijk besluit tot wijziging van artikel 19bis van het koninklijk besluit van 28 november 1969 tot uitvoering van de wet van 27 juni 1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders;
  • Ontwerp van koninklijk besluit tot wijziging van artikel 38, § 3novies, van de wet van 29 juni 1981 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers;
  • Ministeraard 27 februari 2015 - ontwerp van koninklijk besluit tot uitvoering van artikel 7, § 1 van de wet van 26 juli 1996 tot bevordering van de werkgelegenheid en tot preventieve vrijwaring van het concurrentievermogen.