• nl
Taalkeuze

Ontslagmotivering: voor elk ontslag vanaf 1 april 2014?

Categorie: Sociaal   Datum: 27/03/2014

De werkgever kan verplicht worden om een ontslag gegeven of betekend vanaf 1 april 2014 te motiveren als de werknemer hierom verzoekt. Er bestaat dus nog steeds geen algemene motiveringsplicht.

De CAO nr. 109 betreffende de ontslagmotivering bestaat uit twee luiken:

  • Luik 1: De schriftelijke motivering van het ontslag door de werkgever als de werknemer (arbeider en bediende) hierom verzoekt bij aangetekend schrijven binnen de 2 maanden na de onmiddellijke verbreking van de arbeidsovereenkomst of binnen de 6 maanden na de opzegging van de arbeidsovereenkomst (zonder evenwel 2 maanden na het effectieve einde van de arbeidsovereenkomst te overschrijden). De werkgever die nalaat te antwoorden op het verzoek, kan een boete opgelegd krijgen van 2 weken loon.

    De werkgever moet niet wachten op het schriftelijk verzoek van de werknemer. Hij kan het  ontslag ook steeds vrijwillig schriftelijk motiveren en ontsnapt dan sowieso aan de boete. 
  • Luik 2: De werknemer (arbeider en bediende), tewerkgesteld met een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde duur, kan de motivatie van zijn ontslag of het ontbreken van enige motivatie aanvechten voor de arbeidsrechtbank indien hij van oordeel is dat zijn ontslag kennelijk onredelijk is. De rechter oordeelt over de onredelijkheid van het ontslag en kan een schadevergoeding opleggen van minimum 3 weken loon en maximum 17 weken loon. 

Dit luik vervangt het willekeurig ontslag van arbeiders (vroegere artikel 63 Arbeidsovereenkomstenwet) behalve voor de arbeiders op wie de afwijkende verkorte opzeggingstermijnen (tijdelijk of van onbepaalde duur) van toepassing zijn.  

Klik hier voor een uitgebreide bespreking van deze procedures. 

Opmerking: De boete en de schadevergoeding zouden vrijgesteld zijn van RSZ. Ze zullen met andere woorden dezelfde behandeling krijgen als de vroegere schadevergoeding ingeval van willekeurig ontslag. Dit moet evenwel nog officieel bevestigd worden door de RSZ. 

Op wie van toepassing? 

Deze CAO is enkel van toepassing in de privésector en dit voor ontslagen na 6 maanden tewerkstelling (inclusief onmiddellijk voorafgaande en aaneensluitende periodes van uitzendarbeid of arbeidsovereenkomsten van bepaalde duur voor dezelfde functie). 

Deze CAO is niet van toepassing op arbeidsovereenkomsten van uitzendarbeid of studentenarbeid, voor ontslagen met het oog op SWT of pensioen, ontslag omwille van dringende reden of ingeval van ontslag omwille van economische oorzaken (definitieve stopzetting van de activiteit, sluiting, collectief ontslag of herstructurering).

Tenslotte is de CAO evenmin van toepassing als er in de sector of in de onderneming reeds een CAO bestaat die een ontslagprocedure voorschrijft (bv. werkzekerheidclausules) of indien bijzondere ontslagprocedures vastgelegd bij wet nageleefd moeten worden (bv. ontslag van een lid van de ondernemingsraad, van het comité voor preventie en bescherming op het werk of van de vakbondsafvaardiging).  

Wat met het C4-formulier?

De ontslagmotivatie die de werkgever meedeelt aan de werknemer moet uiteraard overeenstemmen met de ontslagreden die vermeld wordt op het C4-formulier.  

Bron: