• nl
Taalkeuze

Op de valreep gepubliceerd in BS: wijzigingen stelsel werkloosheid met bedrijfstoeslag vanaf 1 januari 2015!

Categorie: Sociaal   Datum: 2/01/2015

In het Regeerakkoord Michel I werd voorzien in een grondige hervorming/verstrenging van de bepalingen inzake SWT/brugpensioen. 

Op de valreep werden op 31 december 2014 deze voorziene wijzigingen inzake het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag (SWT) gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. We berichtten u hieromtrent reeds uitvoerig in onze Nieuwsflash van 26 december 2014. Het KB dat in het Belgisch Staatsblad werd gepubliceerd voorziet geen specifieke wijzigingen meer t.a.v. het ontwerp-KB. 

Hieronder geven we dan ook nog eens ter bevestiging de diverse wijzigingen SWT weer vanaf 1 januari 2015. 

Algemeen stelsel: SWT 60 jaar (CAO nr. 17 NAR)

(art. 2 KB 3 mei 2007)

CAO nr. 17 NAR voorziet volgens de huidige regels in de mogelijkheid voor alle werknemers om op SWT/brugpensioen te gaan op de leeftijd van 60 jaar mits zij het vereiste beroepsverleden kunnen aantonen. 

Wijziging vanaf 1 januari 2015?

De leeftijdsvoorwaarde van 60 jaar op basis van CAO nr. 17 NAR wordt verhoogd tot 62 jaar. Het aantal jaren beroepsverleden wijzigt niet. 

Schematisch kunnen de leeftijds- en loopbaanvoorwaarden vanaf 1 januari 2015 als volgt worden weergegeven:

  2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024
Leeftijd 60 62 62 62 62 62 62 62 62 62 62
Lbvw. man 35 j. 40 j. 40 j. 40 j. 40 j. 40 j. 40 j. 40 j. 40 j. 40 j. 40 j.
Lbvw. vrouw 28 j. 31 j. 32 j. 33 j. 34 j. 35 j. 36 j. 37 j. 38 j. 39 j. 40 j.

Overgangsregels

In het KB wordt in 2 overgangsregels voorzien waarbij het verder mogelijk blijft om toch nog op 60-jarige leeftijd op SWT/brugpensioen te kunnen gaan. 

1ste overgangsregel

De werknemers moeten gelijktijdig aan volgende voorwaarden voldoen:

  1. Ontslagen zijn vóór 1 januari 2015; 
  2. Leeftijd van 60 jaar hebben uiterlijk op 31 december 2016 én op het einde van de arbeidsovereenkomst ;
    (uitzondering: de leeftijd van 60 jaar mag ook na 31 december 2016 worden bereikt indien de wettelijke opzeggingstermijn of opzeggingstermijn vastgesteld bij CAO loopt tot na 31 december 2016. Bij het vaststellen van de opzeggingstermijn wordt evenwel geen rekening gehouden met de wettelijke schorsingen van de arbeidsovereenkomst);
  3. Vereiste beroepsverleden bereikt hebben op het einde van de arbeidsovereenkomst (zie tabel).

2de overgangsregel

De werknemers moeten gelijktijdig aan volgende voorwaarden voldoen:

  1. Ontslagen zijn tijdens geldigheidsperiode van een andere CAO (sectorale of ondernemings-CAO) dan CAO nr. 17 NAR;
  2. Deze CAO moet gesloten en neergelegd zijn vóór 1 juli 2015 en treedt uiterlijk in werking op 1 januari 2015 (max. duur 3 jaar);
  3. Deze CAO voorziet minstens de leeftijd van 60 jaar voor SWT;
  4. De leeftijd van 60 jaar bereiken uiterlijk op het einde van de arbeidsovereenkomst én tijdens de geldigheidsperiode van de CAO;
  5. Vereiste beroepsverleden bereikt hebben op het einde van de arbeidsovereenkomst (zie tabel).

Voor de 2 betrokken overgangsregels kunnen de leeftijds- en loopbaanvoorwaarden als volgt worden weergegeven:

  2014 2015 2016 2017
Leeftijd 60 60 60 60
Lbvw. man 35 jaar 40 jaar 40 jaar 40 jaar
Lbvw. vrouw 28 jaar 31 jaar 32 jaar 33 jaar

SWT 58 jaar – lange loopbaan

(art. 3 §2 KB 3 mei 2007)

Werknemers in sectoren of ondernemingen die hieromtrent een sectorale CAO of ondernemings-CAO hebben gesloten, konden volgens de huidige regels op de leeftijd van 58 jaar met SWT/brugpensioen gaan mits zij het vereiste beroepsverleden konden aantonen. 

Wijziging vanaf 1 januari 2015

Dit stelsel wordt volledig afgeschaft vanaf 1 januari 2015.

Overgangsregels

Er zijn omtrent dit stelsel geen overgangsregels vastgesteld. 

Wat met lopende (sectorale of ondernemings-) CAO’s na 1 januari 2015?

De sectorale of ondernemings-CAO’s dewelke een langere duurtijd hebben dan 31 december 2014, zullen wel nog uitwerking kunnen krijgen op basis van de 2de overgangsmaatregel van CAO nr. 17, m.n.

  1. Ontslagen zijn tijdens geldigheidsperiode van een andere CAO (sectorale of ondernemings-CAO) dan CAO nr. 17 NAR;
  2. Deze CAO moet gesloten en neergelegd zijn vóór 1 juli 2015 en treedt uiterlijk in werking op 1 januari 2015 (max. duur 3 jaar);
  3. Deze CAO voorziet minstens de leeftijd van 60 jaar voor SWT;
  4. De leeftijd van 60 jaar bereiken uiterlijk op het einde van de arbeidsovereenkomst én tijdens de geldigheidsperiode van de CAO;
  5. Vereiste beroepsverleden bereikt hebben op het einde van de arbeidsovereenkomst.

SWT 58 jaar – Zware beroepen

(art. 3 §3 KB 3 mei 2007)

Werknemers konden volgens de huidige regels op de leeftijd van 58 jaar op SWT/brugpensioen op voorwaarde dat zij een beroepsverleden van 35 jaar konden aantonen en een bepaald aantal jaren gewerkt hebben in een zwaar beroep (wisselende ploegen, werk in onderbroken diensten, nachtarbeid).

Wijziging vanaf 1 januari 2015?

Zie verder bij SWT – zware beroepen (58 jaar) & nacht/bouw (56 jaar).

Dit stelsel wordt samengevoegd met het stelsel SWT/brugpensioen nacht/bouw. 

SWT 58 jaar – Mindervalide werknemers

(art. 3 §6 KB 3 mei 2007)

Onder bepaalde voorwaarden konden mindervalide werknemers of werknemers met ernstige lichamelijke problemen volgens de huidige regels op de leeftijd van 58 jaar op SWT/brugpensioen mits zij een beroepsverleden van 35 jaar konden aantonen.

Dit stelsel loopt op basis van de huidige reglementering op 31 december 2014 ten einde. 

Wijziging vanaf 1 januari 2015?

Er worden geen wijzigingen voorzien aangaande dit stelsel SWT/brugpensioen. Behoudens een nieuwe verlenging loopt dit stelsel dan ook op 31 december 2014 ten einde. 

Overgangsregels

Er worden geen overgangsregels voorzien aangaande dit stelsel SWT/brugpensioen. 

SWT 57 jaar – CAO’s sinds 1987

(art. 3 §4 en 5 KB 3 mei 2007)

Werknemers konden volgens de huidige regels op de leeftijd van 57 jaar op SWT/brugpensioen mits zij een beroepsverleden van 38 jaar konden aantonen en op voorwaarde dat:

  • De leeftijdsvoorwaarde voorzien was bij CAO die uiterlijk op 31 augustus 1987 neergelegd is ter griffie FOD WASO;
  • Deze CAO sindsdien ononderbroken verlengd is geweest (zonder dat de datum van 31 december 2014 kan worden overschreden).

Wijziging vanaf 1 januari 2015?

Op basis van de huidige reglementering was voorzien dat dit stelsel zou aflopen op 31 december 2014. Dit stelsel wordt dan ook op basis van het KB volledig afgeschaft vanaf 1 januari 2015.

Overgangsregels

In het KB wordt in een overgangsregel voorzien waarbij het verder mogelijk blijft om toch nog op 57-jarige leeftijd op SWT/brugpensioen te kunnen gaan indien gelijktijdig aan volgende voorwaarden wordt voldaan:

  1. Ontslagen zijn vóór 1 januari 2015; 
  2. Leeftijd van 57 jaar hebben uiterlijk op 31 december 2014 én op het einde van de arbeidsovereenkomst;
  3. 38 jaar beroepsverleden bereikt hebben op het einde van de arbeidsovereenkomst.

SWT 56 jaar – Zeer lange loopbaan

(art. 3 §7 KB 3 mei 2007)

Werknemers konden volgens de huidige regels op de leeftijd van 56 jaar met SWT/brugpensioen gaan mits zij een beroepsverleden van 40 jaar konden aantonen. Dit stelsel is thans nog voorzien tot eind 2015 (m.n. op basis van de Wet van 12 april 2011 houdende aanpassing van de wet van 1 februari 2011 houdende verlenging van de crisismaatregelen en uitvoering van het interprofessioneel akkoord, en tot uitvoering van het compromis van de Regering met betrekking tot het ontwerp van interprofessioneel akkoord). Een sectorale of ondernemings-CAO is niet vereist om dit stelsel te kunnen genieten.

Wijziging vanaf 1 januari 2015?

De leeftijdsvoorwaarde van 56 jaar wordt verhoogd tot 58 jaar vanaf 1 januari 2015 en tot 60 jaar in 2017. Het aantal jaren beroepsverleden wijzigt niet. 

Uitzondering: De verhoging tot 60 jaar vanaf 1 januari 2017 is niet van toepassing indien cumulatief volgende voorwaarden worden voldaan:

  1. In de NAR wordt voor de periode 2015-2016 een bij KB algemeen verbindend verklaarde CAO voorzien die in een lagere leeftijdsgrens voorziet (zonder dat deze lager dan 58 jaar mag zijn);
  2. De duur van de CAO binnen de NAR mag max. 2 jaar bedragen (verlenging is evenwel mogelijk waarbij de minimumleeftijd geleidelijk kan worden verhoogd overeenkomstig een vooropgesteld tijdspad);
  3. De werknemer is ontslagen tijdens de geldigheidsduur van deze CAO;
  4. Het bevoegde PC sluit een sectorale CAO af waarbij uitdrukkelijk wordt gesteld dat de sectorale CAO afgesloten wordt in toepassing van de CAO van de NAR.

Overgangsregels

In het KB wordt in een overgangsregel voorzien waarbij het verder mogelijk blijft om toch nog op 56-jarige leeftijd op SWT/brugpensioen te kunnen gaan indien gelijktijdig aan volgende voorwaarden wordt voldaan:

  1. Ontslagen zijn vóór 1 januari 2016; 
  2. Leeftijd van 56 jaar hebben uiterlijk op 31 december 2015 én op het einde van de arbeidsovereenkomst;
  3. 40 jaar beroepsverleden bereikt hebben op het einde van de arbeidsovereenkomst.

SWT – Zware beroepen (58 jaar) & nacht/bouw (56 jaar)

(art. 3 §1 en 3 KB 3 mei 2007)

Werknemers konden volgens de huidige regels op de leeftijd van 58 jaar op SWT/brugpensioen op voorwaarde dat zij een beroepsverleden van 35 jaar konden aantonen en een bepaald aantal jaren gewerkt hadden in een zwaar beroep (wisselende ploegen, werk in onderbroken diensten, nachtarbeid).

Werknemers konden volgens de huidige regels op de leeftijd van 56 jaar op SWT/brugpensioen gaan op voorwaarde dat zij een beroepsverleden van 33 jaar konden aantonen en:

  • ofwel 20 jaar nachtarbeid hadden verricht (CAO nr. 46 NAR);
  • ofwel behoorden tot het PC 124 Bouwbedrijf en beschikten over attest van de arbeidsgeneesheer dat de ongeschiktheid tot voortzetting van de beroepsactiviteit bevestigde.

Wijziging vanaf 1 januari 2015?

Deze beide stelsels worden samengevoegd in één stelsel. De leeftijdsvoorwaarde wordt verhoogd/vastgesteld op 58 jaar vanaf 1 januari 2015. De loopbaanvoorwaarde wordt vastgesteld op 33 jaar (opmerking: voor de zware beroepen betekent dit bijgevolg een verlaging van 35 naar 33 jaar beroepsverleden). 

Vanaf een nog te bepalen datum na advies van de NAR zal de leeftijdsvoorwaarde vastgesteld worden op 60 jaar. 

Uitzondering: De verhoging tot 60 jaar vanaf een nog te bepalen datum na advies van de NAR is niet van toepassing indien cumulatief volgende voorwaarden worden voldaan:

  1. In de NAR wordt voor de periode 2015-2016 een bij KB algemeen verbindend verklaarde CAO voorzien die in een lagere leeftijdsgrens voorziet (zonder dat deze lager dan 58 jaar mag zijn);
  2. De duur van de CAO binnen de NAR mag max. 2 jaar bedragen (verlenging is evenwel mogelijk waarbij de minimumleeftijd geleidelijk kan worden verhoogd overeenkomstig een vooropgesteld tijdspad);
  3. De werknemer is ontslagen tijdens de geldigheidsduur van deze CAO;
  4. Het bevoegde PC sluit een sectorale CAO af waarbij uitdrukkelijk wordt gesteld dat de sectorale CAO afgesloten wordt in toepassing van de CAO van de NAR.

Om van dit stelsel SWT/brugpensioen te kunnen genieten moet men vanaf 1 januari bijgevolg 58 jaar zijn en 33 jaar beroepsverleden kunnen aantonen en aan één van volgende voorwaarden voldoen:

  • ofwel behoren tot het PC 124 Bouwbedrijf en beschikken over attest van de arbeidsgeneesheer dat de ongeschiktheid tot voortzetting van de beroepsactiviteit bevestigt;
  • ofwel 20 jaar nachtarbeid hebben verricht (CAO nr. 46 NAR);
  • ofwel een bepaald aantal jaren gewerkt hebben in een zwaar beroep.

Overgangsregels

In het KB wordt in een overgangsregel voorzien waarbij het verder mogelijk blijft om toch nog op 56-jarige leeftijd op SWT/brugpensioen te kunnen gaan indien gelijktijdig aan volgende voorwaarden wordt voldaan:

  1. Ontslagen zijn vóór 1 januari 2015; 
  2. Leeftijd van 56 jaar hebben uiterlijk op 31 december 2014 én op het einde van de arbeidsovereenkomst;
  3. 33 jaar beroepsverleden bereikt hebben op het einde van de arbeidsovereenkomst.
Op het einde van de arbeidsovereenkomst:
  • ofwel 20 jaar nachtarbeid hebben verricht (CAO nr. 46 NAR);
  • ofwel een bepaald aantal jaren gewerkt hebben in een zwaar beroep.

SWT – Ondernemingen in moeilijkheden of herstructurering

(art. 14 e.v. KB 3 mei 2007)

Onder bepaalde voorwaarden konden ondernemingen in moeilijkheden of herstructurering volgens de huidige regels genieten van verlaagde brugpensioenleeftijden op basis van een beslissing van de Minister van Werk. 

Wijziging vanaf 1 januari 2015?

De leeftijdsvoorwaarde voor SWT/brugpensioen voor ondernemingen in moeilijkheden wordt verhoogd tot:

  • 55 jaar vanaf 1 januari 2015;
  • 56 jaar vanaf 1 januari 2016;
  • 57 jaar vanaf 1 januari 2017;
  • 58 jaar vanaf 1 januari 2018;
  • 59 jaar vanaf 1 januari 2019;
  • 60 jaar vanaf 1 januari 2020.

De leeftijdsvoorwaarde voor SWT/brugpensioen voor ondernemingen in herstructurering wordt verhoogd tot:

  • 55 jaar vanaf 1 januari 2015;
  • 56 jaar vanaf 1 januari 2016;
  • 57 jaar vanaf 1 januari 2017;
  • 58 jaar vanaf 1 januari 2018;
  • 59 jaar vanaf 1 januari 2019;
  • 60 jaar vanaf 1 januari 2020.

Overgangsregels

Er worden geen specifieke overgangsregels voorzien aangaande deze verhoogde leeftijdsvoorwaarden voor de ondernemingen in moeilijkheden of herstructurering. 

Inwerkingtreding

Bovenstaande maatregelen treden in werking op 1 januari 2015. 

Bron:

  • Koninklijk besluit 30 december 2014 tot wijziging van het koninklijk besluit 3 mei 2007 tot regeling van het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag, BS 31 december 2014, 107252.