• nl
Taalkeuze

PC 317: CAO werkloosheid met bedrijfstoeslag vanaf de leeftijd van 60 jaar

Categorie: Sectoraal   Datum: 17/04/2015

In het Paritair comité 317 voor de bewakings- en/of toezichtdiensten werd een CAO afgesloten met betrekking tot SWT vanaf 60 jaar. Deze treedt in werking op 1 januari 2015 en houdt op van kracht te zijn op 31 december 2017.

Hierbij lichten we de belangrijkste krachtlijnen toe.

Rechthebbenden

Arbeiders en bedienden die worden ontslagen om over te gaan tot het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag hebben recht op een aanvullende vergoeding bovenop de werkloosheidsuitkeringen als zij voldoen aan een aantal voorwaarden.

Arbeiders

Voorwaarden

Arbeiders hebben recht op een aanvullende vergoeding als:

  1. ze de leeftijd van 60 jaar hebben bereikt. Deze leeftijd moet bereikt zijn als de opzegperiode effectief afloopt of op het moment dat het contract effectief ten einde loopt;
  2. ze recht hebben op werkloosheidsuitkeringen;
  3. ze 10 jaar voltijds anciënniteit tellen in de sector.
    Voor de berekening van deze jaren:
    • kunnen periodes van deeltijds werken omgezet worden naar voltijds;
    • worden de periodes van tijdskrediet gelijkgesteld;
    • kunnen de niet-gedekte jaren door de werkgever worden bijgepast door zijn tussenkomst in de oprichting van de wettelijke reserve van het Fonds ten belope van de ontbrekende jaren
  4. ze de beroepsloopbaan als volgt kunnen verantwoorden:
    • Voor de periode tussen 1 januari 2015 en 31 december 2015:
      • 40 jaar gewerkt als loontrekkende voor de mannelijke werknemers;
      • 31 jaar gewerkt als loontrekkende voor de vrouwelijke werknemers.
    • Voor de periode tussen 1 januari 2016 en 31 december 2016:
      • 40 jaar gewerkt als loontrekkende voor de mannelijke werknemers;
      • 32 jaar gewerkt als loontrekkende voor de vrouwelijke werknemers.
    • Voor de periode tussen 1 januari 2017 en 31 december 2017:
      • 40 jaar gewerkt als loontrekkende voor de mannelijke werknemers;
      • 33 jaar gewerkt als loontrekkende voor de vrouwelijke werknemers

Aanvullende vergoeding

Voor arbeiders is de aanvullende vergoeding gelijk aan de helft van het verschil tussen het netto-referentieloon en de werkloosheidsuitkering. 

Voor de concrete berekening van het netto-referentieloon verwijzen wij naar de overeenkomstige bepalingen in de CAO (Afd.2, art.4, §2). 

Bedienden

Voorwaarden

Bedienden hebben recht op een aanvullende vergoeding als:

  1. ze de leeftijd van 60 jaar hebben bereikt. Deze leeftijd moet bereikt zijn als de opzegperiode effectief afloopt of op het moment dat het contract effectief ten einde loopt;
  2. ze recht hebben op werkloosheidsuitkeringen;
  3. ze 10 jaar voltijds anciënniteit tellen in de sector of in de onderneming, en dit voltijds.
    Voor de berekening van deze jaren:
    • kunnen periodes van deeltijds werken omgezet worden naar voltijds;
    • worden de periodes van tijdskrediet gelijkgesteld;
  4. ze de beroepsloopbaan als volgt kunnen verantwoorden:
    • Voor de periode tussen 1 januari 2015 en 31 december 2015:
      • 40 jaar gewerkt als loontrekkende voor de mannelijke werknemers;
      • 31 jaar gewerkt als loontrekkende voor de vrouwelijke werknemers.
    • Voor de periode tussen 1 januari 2016 en 31 december 2016:
      • 40 jaar gewerkt als loontrekkende voor de mannelijke werknemers;
      • 32 jaar gewerkt als loontrekkende voor de vrouwelijke werknemers.
    • Voor de periode tussen 1 januari 2017 en 31 december 2017:
      • 40 jaar gewerkt als loontrekkende voor de mannelijke werknemers;
      • 33 jaar gewerkt als loontrekkende voor de vrouwelijke werknemers

Aanvullende vergoeding

Voor bedienden geldt dat de aanvullende vergoeding gelijk is aan de helft van het verschil tussen het maandelijks netto referteloon en de werkloosheidsuitkering.

Deze berekening gebeurt als volgt: (gemiddelde brutowedde op een referteperiode van 3 maanden) + (eindejaarspremie/12).

De aanvullende vergoeding voor bedienden wordt betaald door de werkgever.

De sociale partners kwamen tot een akkoord voor de oprichting van een paritair orgaan dat voorafgaandelijk kennis neemt van ieder voornemen tot afdanking van bedienden die in aanmerking zouden kunnen komen voor het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag.

Daartoe komen zij overeen dat in iedere onderneming een speciale rekening dient te worden geopend. Op deze rekening komt een bedrag van 0,3% van de bruto wedden aan 100% van de bedienden tewerkgesteld in de onderneming. Deze rekening zal door de onderneming automatisch worden aangevuld op het moment van de trimestriële RSZ-aangifte.

Uitkering

De vergoeding waar de arbeider of bediende recht op heeft, wordt uitgekeerd in de loop van de maand volgend op de maand waarop deze recht heeft op de werkloosheidsuitkering.

De uitkering gebeurt op voorlegging van een bewijskrachtig document waaruit blijkt dat de betrokkene werkloosheidsuitkering heeft ontvangen.

Indien de werknemer geniet van een tijdskrediet einde loopbaan of van een loopbaanonderbreking, zijnde verlof omwille van medische bijstand, wordt de aanvullende vergoeding berekend alsof hij zijn arbeidsprestaties niet heeft verminderd.

Toezicht

De Raad van Bestuur van het Fonds houdt toezicht over de correcte uitvoering van deze collectieve arbeidsovereenkomst.

Bron: 

  • CAO 2 december 2014 tot verlening van het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag vanaf de leeftijd van 60 jaar, nr. 125164