• nl
Taalkeuze

PC 341 - Bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten: Korte toelichting nieuwe regeling

Categorie: Sectoraal   Datum: 18/03/2016

Veranderingen van kracht in 2016

In onze Nieuwsflash van 27 november 2015 kon u de wijzigingen raadplegen die reeds van kracht waren in 2015, alsook de wijzigingen betreffende functieclassificatie en verloning, van kracht vanaf 2016.

Hieronder vindt u nog enkele cao’s die uitwerking hebben vanaf 1 januari 2016 en gelden voor onbepaalde duur. De arbeidsduur, verplaatsingskosten en anciënniteitsdagen worden als volgt vastgelegd:

Arbeidsduur

De gemiddelde wekelijkse arbeidsduur wordt van 38u/week naar 37,5u/week gebracht. Indien de arbeidsduur vastgesteld blijft op 38 uur per week, blijven er dus nog 22,7 uur of 3 inhaalrustdagen toe te kennen.

Deze arbeidsduurvermindering wordt vanaf 2016 stapsgewijs ingevoerd om in 2017 tot de effectieve arbeidsbreuk van 37,5/37,5 te komen

2016: De effectieve arbeidsduur bedraagt 37,75/37,75 of men kiest voor een gemiddelde arbeidsduur van 38/38 en men kent 1,5 dag inhaalrust toe.

2017: De effectieve arbeidsduur bedraagt 37,5/37,5 of men kiest voor een gemiddelde arbeidsuur van 38/38 en men kent 3 dagen inhaalrust toe
 
De inhaalrustdagen moeten opgenomen worden in volle of halve dagen (en niet in minuten per dag).

Formaliteiten

Bij de invoering van deze nieuwe arbeidsduur dient het arbeidsreglement aangepast te worden. Ook dienen de eventueel nieuwe uurroosters opgenomen te worden.

Aspecten waar rekening mee moet worden gehouden:

  • De wekelijkse arbeidsduur wordt over maximaal 5,5 dagen gespreid;
  • Het einde van de werkdag wordt vastgelegd om 19 uur, op maximum 2 dagen per week (niet op zaterdag);
  • Het werk op zaterdag mag uitgevoerd worden van 8u30 tot 12u45 met een maximum van 4 uren per dag.

Verplaatsingskosten

De sector voorziet via een cao in de tussenkomst voor woon-werkverplaatsingen. Er wordt aan de werknemers een maandelijkse tussenkomst in verplaatsingskosten toegekend, rekening houdend met de afstand tussen woonplaats en plaats van tewerkstelling.

De berekening is gebaseerd op de maandelijkse bijdrage van de werkgever in de treinkaart gelijkgesteld aan het sociaal abonnement zoals voorzien in het koninklijk besluit van 28 juli 1962.

De tussenkomst in woon-werkverkeer mag geen vermindering inhouden van de tussenkomst in de vervoerskosten die de werknemers al genieten op het ogenblik van de inwerkingtreding van deze cao.

Eigen vervoermiddel

De werknemers hebben recht op een tussenkomst voor een overeenstemmend aantal kilometer waarop volgende coëfficiënt wordt toegepast:

  • 0,93 indien de werknemer kan aantonen dat minstens een gedeelte van het traject van het woon-werkverkeer wordt afgelegd met een gemeenschappelijk vervoermiddel;
  • 0,72 in de andere gevallen.

De tussenkomst is niet voorzien wanneer de woonplaats op minder dan 2 kilometer van hun werkplaats gelegen is.

Openbaar vervoer

De werknemers die houder zijn van een jaarabonnement voor de trein, tram, metro of bus hebben recht op een tegemoetkoming gelijk aan de door hen betaalde prijs.

Met volgende modaliteiten moet rekening gehouden worden:

  • De terugbetaling gebeurt na voorlegging van het bewijs van het jaarabonnement;
  • De werknemer dient de meest gepaste en voordeligste formule van het jaarabonnement te nemen;
  • De terugbetaling gebeurt op basis van het tarief van de betrokken vervoersonderneming, en met als maximum het tarief van 2e klasse.

Fiets

De werknemer die een fiets als vervoermiddel kiest, zal een tussenkomst kunnen genieten van het maximale belastingvrije bedrag per kilometer (0,22 EUR per kilometer in 2014).
Wanneer dit maximum bedrag verhoogt, zal de tussenkomst automatisch mee evolueren.

Anciënniteitsdagen

De werknemers hebben recht op 1 extra verlofdag per begonnen schijf van 5 ononderbroken jaren. Er kunnen maximum vier dagen per jaar toegekend worden.

Enkel de dagelijkse verloning is verschuldigd tijdens dit verlof.

Indien de werknemer deze verlofdagen niet heeft opgenomen voor 31 december van het lopend jaar, dan verliest hij zijn recht daarop. Bij contractbreuk worden deze dagen ook niet uitbetaald.

Bron:

  • Cao van 9 juli 2015 inzake arbeidstijd, nr. 131332;
  • Cao van 9 juli 2015 betreffende de bijdrage van de werkgevers in de vervoerkosten van het personeel, nr. 129876.