• nl
Taalkeuze

Paritair ComitÚ 302 Horeca: denk aan de verplichtingen inzake de kledijvergoeding en de verplaatsingskosten

Categorie: Sectoraal   Datum: 6/06/2013

Bij een aantal recente controles in horecazaken is gebleken dat inspectiediensten nauwgezet toezien op het correct toekennen van kledijvergoedingen en verplaatsingskosten aan de werknemers. In dit verband willen wij u graag nog eens de belangrijkste verplichtingen terzake in herinnering brengen.

Kledijvergoeding

In heel wat horecazaken wordt een specifieke werkkledij opgelegd. In de CAO van 22 maart 1989 wordt bepaald dat de werkgever de keuze heeft tussen:

  • Het zelf verschaffen van de werkkledij;
  • Het verschaffen en het onderhouden de werkkledij;
  • Het betalen van een kledijvergoeding indien de werknemer de werkkledij zelf moet aanschaffen en/of onderhouden.

Indien u als werkgever de keuze maakt om de werkkledij te verschaffen en zelf te onderhouden, dan moet er geen kledijvergoeding betaald worden aan de werknemers.

Indien de werknemer zelf de werkkledij moet aanschaffen en/of onderhouden moet er een vergoeding betaald worden per arbeidsdag. Sinds 1 januari 2013 gelden de volgende bedragen:

  • 1,62 EUR per arbeidsdag, voor het leveren van de uniformen;
  • 1,62 EUR per arbeidsdag, voor het onderhouden en het wassen van de kledij.

Indien de werknemer de werkkledij zelf moet afschaffen en zelf moet onderhouden wordt dus een vergoeding uitbetaald van 3,24 EUR per arbeidsdag.

Deze kledijvergoeding is vrijgesteld van sociale en fiscale bijdragen en de bedragen worden jaarlijks op 1 januari geïndexeerd.

Verplaatsingskosten

De werknemer die zich verplaatst tussen de woonplaats en de werkplaats, heeft onder bepaalde voorwaarden recht op een vergoeding van de werkgever. De tussenkomst hangt af van het gebruikte vervoermiddel.

Openbaar vervoer - trein

Voor werknemers die zich met de trein verplaatsen, is de tussenkomst afhankelijk van het aantal kilometers, enkele rit. De tussenkomst bedraagt gemiddeld 75 % van de prijs van de treinkaart in 2de klasse voor een overeenstemmende afstand. De concrete bedragen zijn terug te vinden op de website van Easypay onder “Juridische info”, “Sleutelcijfers” (via volgende link: http://my.easypay-group.com/nl_BE/news/documents/key_figures/). U vindt in de excel van de werkgeversbijdragen voor de vervoerskosten een tabel onder het tabblad “Art. 3 CAO 19 OCTIES +/- 75%".

Andere openbaar vervoer, met uitzondering van de trein

De werkgever moet enkel een tussenkomst betalen wanneer de kortste weg tussen de vertrekhalte en de aankomsthalte ten minste één kilometer bedraagt. De bijdrage wordt als volgt berekend:

  • Wanneer de prijs van het vervoer in verhouding staat tot de afstand wordt de bijdrage van de werkgever berekend op basis van de tabel “Art. 3 CAO 19 OCTIES +/- 75%” (zie hierboven), zonder evenwel 75% van de werkelijke vervoerprijs te overschrijden.
  • Wanneer de prijs een eenheidsprijs is, ongeacht de afstand, wordt de bijdrage van de werkgever forfaitair vastgesteld op 71,8% van de effectief door de werknemer betaalde prijs, met als maximum de werkgeverstussenkomst op basis van de tabel “Art. 3 CAO 19 OCTIES +/- 75%” voor een afstand van 7 Km.

Verplaatsing met de eigen wagen

Voor verplaatsingen met eigen wagen bedraagt de tussenkomst van de werkgever 70% van de prijs van de treinkaart in 2de klasse voor een overeenstemmende afstand en dit vanaf de 1e kilometer.

Vervoer per fiets

Voor de woonwerk verplaatsingen afgelegd per fiets betaalt de werkgever aan de werknemer een vergoeding van 0,21 EUR per afgelegde kilometer, zowel heen als terug.

Regeling voor gelegenheidswerknemers (extra’s)

De gelegenheidswerknemers (extra’s) maken eveneens aanspraak op een tussenkomst in de verplaatsingskosten. Per verplaatsing van en naar de plaats van het werk, ontvangen zij 1/6 van de voorziene wekelijkse tussenkomst zoals hierboven uiteengezet.

Speciale regeling

Voor een aantal specifieke situaties is een speciale regeling van toepassing:

  • “Service coupé”: de werknemers die in de loop van de arbeidsdag, overeenkomstig hun uurrooster, onderbroken arbeidsprestaties leveren en die tussen twee arbeidsperioden niet onder het gezag staan van hun werkgever en waarvan de onderbreking niet kan beschouwd worden als een rusttijd of lunchpauze, hebben recht op een dubbele tussenkomst van de werkgever in de vervoerkosten. De werknemers die voor hun dubbele verplaatsingen van en naar het werk uitsluitend gebruik maken van een abonnement op het openbaar vervoer dat recht geeft op meerdere verplaatsingen per dag, hebben daarentegen geen recht op de dubbele bijdrage.
  • Onvolledige maand: indien de werknemer gebruik maakt van het eigen vervoermiddel of gebruik maakt van één of meer rittenkaart van het gemeenschappelijk openbaar vervoer en niet gedurende de gehele maand heeft gewerkt, dan heeft hij recht op een vergoeding van 1/21,66 van de voorziene maandelijkse tussenkomst per effectief gewerkte dag in de loop van de kalendermaand. De werknemer kan echter nooit meer ontvangen dan de voorziene maandelijkse tussenkomst voor het treinvervoer, het gemeenschappelijk openbaar vervoer en andere verplaatsingsmiddelen (m.u.v. de fiets).

Instructies voor klanten van Sociaal Secretariaat SSE

Werkgevers uit de horecasector die aangesloten zijn bij het erkend sociaal secretariaat SSE worden verzocht om hun dossierbeheerder in te lichten over welke regeling in de onderneming wordt toegepast inzake kledijvergoeding zodat een correcte kledijvergoeding kan berekend worden. Daarnaast dient aan de dossierbeheerder ook de nodige informatie bezorgd te worden met betrekking tot de wijze van verplaatsing van en naar het werk en het aantal kilometers die moeten afgelegd worden.