• nl
Taalkeuze

Programmawet gepubliceerd in BS

Categorie: Sociaal   Datum: 1/01/2016

In het B.S. van 30 december 2015 werd de Programmawet (I & II) gepubliceerd. De sociaal-juridische items worden voor u hieronder opgelijst.

Verhoging RSZ werkgeversbijdragen SWT en SWAV

Vanaf 1 januari 2016 worden de RSZ werkgeversbijdragen SWT (Stelsel van Werkloosheid met bedrijfstoeslag, m.n. ex-brugpensioen) en SWAV (Stelsel van Werkloosheid met Aanvullende Vergoedingen voor oudere werknemers, m.n. ex- pseudo-brugpensioen) vermenigvuldigd met:

  • een coëfficiënt van 1,25 voor ondernemingen uit de profitsector;
  • een coëfficiënt van 2,25 voor ondernemingen uit de non-profitsector.
Deze verhoging is enkel van toepassing indien de aanvullende vergoeding of bedrijfstoeslag:
  • voor het eerst werd toegekend vanaf 1 januari 2016 én;
  • naar aanleiding van een opzegging of verbreking van de arbeidsovereenkomst betekend na 10 oktober 2015 (SWT/SWAV), in geval van een tijdskrediet of naar aanleiding van elke andere beëindiging van de arbeidsovereenkomst na 10 oktober 2015 (SWAV). 

De verhoging is niet van toepassing op de werklozen met bedrijfstoeslag wanneer de opzegging of verbreking betekende werd in het kader van een erkenning als onderneming in moeilijkheden of herstructurering, voor zover de erkenning, of voor de ondernemingen in herstructurering, de aankondiging van het collectief ontslag dateert van vóór 11 oktober 2015.

Fiscale vrijstelling van de bedrijfstoeslag SWT en SWAV in geval van werkhervatting

Om de werkhervatting van SWT’ers en SWAV’ers aan te moedigen, worden de bedrijfstoeslagen en aanvullende vergoedingen die vanaf 1 januari 2016 worden betaald of toegekend in geval van werkhervatting bij een andere werkgever of van werkhervatting als zelfstandige, vrijgesteld van belastingen, voor zover ze geen betrekking hebben op periodes die deze datum voorafgaan. 

Deze fiscale vrijstelling geldt bijgevolg ook voor SWT’ers en SWAV’ers die reeds vóór 1 januari 2016 het werk hervat hebben, maar deze bedrijfstoeslagen of aanvullende vergoedingen nog verder betaald worden na 1 januari 2016.

Verduidelijking periode vrijstelling doorstorting BV voor startende ondernemingen 

Sinds 1 augustus 2015 kunnen startende ondernemingen onder bepaalde voorwaarden genieten van een vrijstelling van doorstorting bedrijfsvoorheffing à rato van 10% van de verschuldigde bedrijfsvoorheffing. Een van deze voorwaarden bestond er in dat de betrokken onderneming sinds ten hoogste 48 maanden mocht ingeschreven zijn in de Kruispuntbank van Ondernemingen (KBO).

Om de telling van deze periode van 48 maanden te verhelderen, wordt in de toepasselijke reglementering thans verduidelijkt dat de termijn van 48 maanden aanvangt op de eerste dag van de maand die volgt op de maand van de inschrijving in de KBO.  

Horeca PC 302 - begrip flexiloon verfijnd! 

Het begrip flexiloon in het kader van een tewerkstelling als flexijob-werknemer wordt nader gepreciseerd. De wet bepaalt nu dat het flexiloon bestaat uit:

  • een basisloon, zijnde een minimum netto basisloon van 8,82 EUR per uur (onderhevig aan indexaanpassingen);
  • aangevuld met alle vergoedingen, premies en voordelen van welke aard ook die door de werkgever worden toegekend en waarop in principe sociale zekerheidsbijdragen verschuldigd zijn (bv. de sectorale premie voor prestaties op een zondag of een feestdag).

Bron:

  • Programmawet I van 26 december 2015, BS 30.12.2015, 80610.