• nl
Taalkeuze

Raad van State vernietigt lijst met sectoren die te weinig opleidingsinspanningen leveren

Categorie: Sociaal   Datum: 18/03/2016

Werkgevers van de privésector worden verplicht om samen minstens 1,9% van de totale loonmassa in opleidingen van hun personeel te investeren. Wordt dit doel niet bereikt, dan worden de werkgevers van de sectoren die onvoldoende opleidingsinspanningen hebben verricht gesanctioneerd door heffing van een bijkomende werkgeversbijdrage van 0,05%.

In een arrest van 23 oktober 2014 oordeelde het Grondwettelijk Hof – in antwoord op een prejudiciële vraag van de Raad van State – dat dit sanctiemechanisme in strijd was met de artikelen 10 (gelijkheidsbeginsel) en 11 (non-discriminatiebeginsel) van de Grondwet.

Het Grondwettelijk Hof motiveerde haar beslissing door te stellen dat het sanctiemechanisme “onevenredige financiële gevolgen heeft ten aanzien van de werkgever die, hoewel hij op het individuele vlak voldoende opleidingsinspanningen levert, toch een verhoogde werkgeversbijdrage dient te betalen om de enkele reden dat hij tot een sector behoort die onvoldoende opleidingsinspanningen levert.”

De reglementering ter zake werd dan ook aangepast door de wet van 23 april 2015 tot verbetering van de werkgelegenheid (BS van 27 april 2015), met als hoofdlijnen:

  • geen bijkomende bijdrage van 0,05% voor onvoldoende opleidingsinspanningen voor de jaren 2012, 2013, 2014, 2015 en 2016;
  • opschorting van de verplichting om een collectieve arbeidsovereenkomst inzake opleiding te voorzien op niveau van de sector voor de jaren 2015 en 2016;
  • behoud van het percentage van de opleidingsinspanningen van 2013-2014 voor de periode 2015 en 2016.

Het arrest van het Grondwettelijk Hof had dus tot gevolg dat de wetgever de uitvoering van de regels voor opleidingsinspanningen reeds opschortte voor de jaren 2012 tot en met 2016.

In haar recente arrest van 4 februari 2016 volgde de Raad van State de redenering van het Grondwettelijk Hof en vernietigde de definitieve lijst van sectoren die voor het jaar 2009 onvoldoende opleidingsinspanningen realiseerden. Ten gevolge hiervan kunnen de werkgevers die de bijkomende werkgeversbijdragen betaalden voor het jaar 2009 deze bijdragen terugvorderen. Hoe dit in zijn werk moet gaan is vooralsnog onduidelijk.

Wat er daarnaast zal gebeuren met de geïnde bijkomende werkgeversbijdragen voor de jaren 2008, 2010 en 2011 is eveneens onzeker.

Er blijven dus nog tal van vraagtekens bestaan. EASYPAY GROUP volgt het voor u op.

Bron: