• nl
Taalkeuze

Terbeschikkingstelling van werknemers: schriftelijke overeenkomst en informatieverplichting

Categorie: Sociaal   Datum: 23/05/2013

Zoals uiteengezet in onze Nieuwsflash van 4 januari 2013, moet er sinds 10 januari 2013 een schriftelijke overeenkomst bestaan tussen de werkgever en de derde ingeval van ter beschikkingstelling van werknemers. Opdat er geen sprake zou zijn van een verboden terbeschikkingstelling: 

1. moeten de instructies die door de derde worden gegeven aan de werknemers gebeuren in het kader van een geschreven overeenkomst tussen de derde en de werkgever; en

2. die geschreven overeenkomst moet uitdrukkelijk en precies bepalen welke instructies door de derde kunnen worden gegeven aan de werknemers van de werkgever. 

Verder bepaalde de Programmawet dat de derde zijn ondernemingsraad (of bij ontstentenis daarvan, het comité voor preventie en bescherming op het werk, of bij ontstentenis daarvan, de vakbondsafvaardiging) op de hoogte moet brengen van het bestaan van dergelijke overeenkomst.

Dit laatste aspect kwam aan bod in de Ministerraad van 17 mei 2013, door het goedkeuren van een ontwerp van koninklijk besluit dat de informatieverplichting aan de werknemersvertegenwoordiging uitwerkt in geval van overdracht van het gezag van de werkgever bij een onderaanneming. Het ontwerp duidt de persoon of personen aan in de ondernemingsraad, het comité voor preventie en bescherming op het werk of in de vakbondsafvaardiging aan wie de wettelijke inlichtingen moeten worden meegedeeld. Daarnaast bepaalt het ook binnen welke tijd de leden van de ondernemingsraad en het comité of de vakbondsafvaardiging die erom verzoeken, een afschrift moeten ontvangen van het gedeelte van de overeenkomst waarin de instructies die de derde aan de werknemers van de werkgever kan geven, zijn opgenomen.

Zodra het koninklijk besluit definitief is, berichten wij u verder. 

Bron:

  • Programmawet (1) van 27 december 2012, BS 31 december 2012, 8860, artikel 21.
  • Ministerraad van 17 mei 2013
  • Ontwerp van koninklijk besluit tot vaststelling van de procedure volgens dewelke de informatieverplichtingen, bedoeld in artikel 31, § 1, vijfde lid, van de wet van 24 juli 1987 betreffende de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter beschikking stellen van werknemers ten behoeve van gebruikers, moeten worden nageleefd, wanneer tussen een derde en een werkgever een overeenkomst wordt afgesloten waarin wordt bepaald welke instructies in uitvoering van die overeenkomst door de derde kunnen worden gegeven aan de werknemers van de werkgever.