• nl
Taalkeuze

Tewerkstellen buitenlandse werknemers: uitbreiding voorzien

Categorie: Sociaal   Datum: 14/07/2017

Sinds de zesde staatshervorming zijn de gewesten bevoegd voor de tewerkstelling van buitenlandse werknemers. Wel blijft de Federale Overheid bevoegd voor alles wat arbeidskaarten betreft.

Wenst u een buitenlandse werknemer tewerk te stellen als werkgever, dan moet u er steeds over waken of de persoon wel in het bezit is van een arbeidskaart.

Vrijstelling van arbeidskaart

Om als buitenlandse werknemer in België arbeid in loondienst te kunnen verrichten, heeft men in principe een arbeidskaart nodig.

Een aantal categorieën van werknemers zijn echter vrijgesteld van de verplichting om een arbeidskaart te hebben. In deze gevallen mag u de werknemer onmiddellijk in dienst nemen en tewerkstellen. In alle andere gevallen moet u als werkgever vooraf een arbeidskaart bekomen vooraleer de tewerkstelling mag beginnen.

Voor deze personen geldt er in principe een vrijstelling:

  • Voor alle onderdanen van de Europese Unie (cf. vrij verkeer van werknemers) en bij uitbreiding voor alle onderdanen van een Lidstaat van de Europese Economische Ruimte evenals de onderdanen van de Zwitserse Bondsstaat;
  • Als men behoort tot één van de categorieën van buitenlandse onderdanen die expliciet vrijgesteld zijn van de verplichting tot het verkrijgen van een arbeidskaart (allen opgesomd in artikel 2 van het KB van 9 juni 1999) én voor zover men wettig in België verblijft (tenzij uitdrukkelijk anders bepaald).

Toekomstige uitbreiding van de vrijstelling

Momenteel kunnen de familieleden van buitenlandse werknemers die het statuut van langdurig ingezeten onderdaan in een andere Europese lidstaat hebben, niet zomaar bij ons worden tewerkgesteld. Deze personen moeten immers over een arbeidskaart B beschikken vooraleer een eventuele tewerkstelling mogelijk is.

De Europese Commissie heeft er echter op gewezen dat de Richtlijn 2003/86 inzake het recht op gezinshereniging stipuleert dat gezinsleden steeds onder dezelfde voorwaarden moeten kunnen werken als de gezinshereniger. Als deze buitenlandse werknemers vrijgesteld zijn van de verplichtingen inzake de arbeidskaart dan moeten zijn familieleden aldus ook vrijgesteld zijn volgens de Europese Commissie.

De ministerraad heeft dan ook in uitvoering van deze aanbeveling een ontwerp van koninklijk besluit goedgekeurd over de tewerkstelling van buitenlandse werknemers voor wat de familieleden van langdurig ingezetenen betreft. Het ontwerp wordt overgemaakt aan de Raad van State voor advies.

Bron:

  • Persbericht ministerraad 7 juli 2017, www.presscenter.org.
  • Ontwerp van koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 9 juni 1999 houdende de uitvoering van de wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers, aangaande de gezinsleden van de langdurig ingezetenen.