• nl
Taalkeuze

Vlaamse doelgroepenbeleid: wetgevend kader gepubliceerd

Categorie: RSZ   Datum: 15/04/2016

In het Belgisch Staatsblad van 4 april 2016 werd het decreet houdende het Vlaamse doelgroepenbeleid gepubliceerd. Dit decreet vormt het wettelijk kader waarbinnen de Vlaamse Regering het Vlaamse doelgroepenbeleid kan toepassen.

De inwerkingtreding is voorlopig gepland op 1 juli 2016. De inwerkingtreding kan mogelijks nog naar een latere datum worden uitgesteld.

Het decreet stelt een drastisch vereenvoudigd Vlaams doelgroepenbeleid voorop en voorziet daartoe in:

  • de opheffing van het werkervaringsprogramma;
  • nieuwe bepalingen op het vlak van doelgroepverminderingen voor jonge werknemers en ook oudere werknemers;
  • de opheffing van de doelgroepverminderingen voor de langdurige werkzoekenden;
  • de opheffing van de doelgroepverminderingen in het kader van de herstructureringen;
  • tegemoetkomingen voor de personen met een arbeidshandicap;
  • de organisatie van een performant handhavings- en toezichtskader;
  • een machtiging aan de Vlaamse Regering om een regeling vast te stellen die gericht is op de opheffing van het Activaplan, het doorstromingsprogramma en de invoeginterim;
  • machtiging aan de Vlaamse Regering om overgangsbepalingen te nemen die een coherente overgang van de wetgeving kunnen waarborgen.

Hoewel de voorziene wijzigingen reeds eerder in onze Nieuwsflashes van 20 februari 2015 en 1 april 2016 werden besproken, hieronder een korte schets van de krachtlijnen van het decreet.

Aangezien de Vlaamse Regering nog (een) uitvoeringsbesluit(en) dient te publiceren, gelden de gehanteerde bedragen nog onder voorbehoud.

Oudere werknemers

De doelgroepvermindering voor oudere werknemers kan toegepast worden indien de tewerkstelling minimaal aan de volgende voorwaarden voldoet:

  • de oudere werknemer behoort tot categorie 1 van werknemers (cf. art. 330, Programmawet 24.12.2002);
  • de oudere werknemer heeft op de laatste dag van het kwartaal minimaal de leeftijd van 55 jaar bereikt;
  • het refertekwartaalloon van de oudere werknemer is lager dan 13.400 euro.

Het forfaitaire bedrag en de periode van toekenning van de doelgroepvermindering wordt bepaald volgens de leeftijd van de oudere werknemers. Tevens wordt een onderscheid gemaakt tussen “oudere zittende werknemers” en nieuwe aanwervingen van “oudere niet-werkende werkzoekenden”.

  55-59 jaar Vanaf 60 jaar
Zittende werknemers 600 EUR / kwartaal 1.150 EUR / kwartaal
Niet-werkende werkzoekenden 1.150 EUR / kwartaal 1.500 EUR / kwartaal

Jonge werknemers

Werkgevers die jonge werknemers tewerkstellen kunnen een doelgroepvermindering genieten indien onderstaande voorwaarden voldaan zijn:

  • Het refertekwartaalloon van de jonge werknemer is lager dan 7.500 euro gedurende het eerste jaar en lager dan 8.100 euro gedurende het tweede jaar;
  • Op de dag van de indienstneming is de jonge werknemer laaggeschoold of middengeschoold en op de laatste dag van het kwartaal heeft hij de leeftijd van 25 jaar niet bereikt;
    • Laaggeschoold: geen diploma van secundair onderwijs of een studiegetuigschrift van het tweede leerjaar van de derde graad van het secundair onderwijs, of een gelijkwaardig diploma of getuigschrift.
    • Middengeschoold: hoogstens een diploma van secundair onderwijs of een studiegetuigschrift van het tweede leerjaar van de derde graad van het secundair onderwijs, of een gelijkwaardig diploma of getuigschrift.
  • De jonge werknemer is niet meer leerplichtig en hij behaalt binnen het kwartaal na zijn aanwerving geen diploma of graad. Wanneer de jonge werknemer in de loop van de tewerkstelling een hoger diploma zou behalen, behoudt de werkgever het recht op de doelgroepvermindering voor de resterende looptijd.

De jonge werknemers in een stelsel van deeltijds leren en deeltijds werken, komen in aanmerking voor een doelgroepvermindering wanneer ze het statuut van leerling hebben en aan de sociale zekerheid zijn onderworpen.

  Jaar 1 Jaar 2
Laaggeschoolden 1.150 EUR / kwartaal 1.150 EUR / kwartaal
Middengeschoolden 1.000 EUR / kwartaal 1.000 EUR / kwartaal

Arbeidsgehandicapten - Vlaamse ondersteuningspremie

De Vlaamse Regering wordt gemachtigd om een stelsel in te richten dat voorziet in de tegemoetkoming aan een werkgever die een persoon met een arbeidshandicap aanwerft of heeft aangeworven (of aan een zelfstandige met een arbeidshandicap) ter compensatie van de kosten van de inschakeling in het beroepsleven, van de kosten van ondersteuning en van verminderde productiviteit: de Vlaamse ondersteuningspremie (VOP).

Onder “persoon met een arbeidshandicap” wordt verstaan een persoon met een langdurig en belangrijk probleem van deelname aan het arbeidsleven dat te wijten is aan het samenspel tussen functiestoornissen van mentale, psychische, lichamelijke of zintuiglijke aard, beperkingen bij het uitvoeren van activiteiten en persoonlijke en externe factoren.

De VDAB zal zich toespitsen op de attestering van de personen met een arbeidshandicap en ook de evaluatie van het eventuele rendementsverlies.

Bron:

  • Decreet van 4 maart 2016 houdende het Vlaamse doelgroepenbeleid, BS 4 april 2016, 22366.